Pop

Pop

Wat? Ontbijt- en lunchrestaurant.
Waar? Noordstraat 10, 8800 Roeselare.
Wie? Julie Tossins en Charlotte Vanderper.

Ze zijn nog geen 35 en hebben al een indrukwekkend parcours in de horeca afgelegd. Julie en Charlotte runnen sinds vorig jaar het frisse Pop in de Noordstraat, maar het avontuur voor de twee begon al ergens midden de jaren 2000, wat verderop in de stad. Charlotte werkte toen in het Italiaans restaurant Bistro Bello in de Verwerijstraat. Dat restaurant werd in 1995 uit de grond gestampt door chef Alexander Montagnaro. Hij bouwde de zaak in geen tijd uit tot een populaire trekpleister, ook van heel wat bekende mensen.

Wie lekker eten en Italiaans zegt, komt al snel uit bij romantiek. En in Bistro Bello was dat ook zo. Alexander leerde er zijn vrouw kennen en Charlotte – een nichtje van het koppel – raakte verliefd op Julie, die bijkluste achter de bar. Charlotte werkte al een zestal jaar in de zaak en had altijd te kennen gegeven dat ze heel graag het restaurant zou overnemen, mocht Alexander voor een nieuwe uitdaging gaan. Toen dat zo was, was het snel beklonken. Charlotte en Julie namen het drukbezochte restaurant over.

“We waren eigenlijk nog niet zo lang samen”, bekent Julie. “Voor velen was het een gewaagde stap toen we midden 2006 de zaak overnamen, maar het voelde goed. Je moet ook niet verwachten dat je meteen alle antwoorden op je vragen hebt. Sommige zaken moet je nu eenmaal gaandeweg ondervinden.”

Als er ook maar enige twijfels zouden geweest zijn, waren ze meteen weg toen de twee de deuren van het Italiaans restaurant heropenden. “Hoewel in een klein steegje zaten, net buiten een bruisend centrum, hadden we allerminst te klagen”, aldus Julie. Zij had ook al snel haar draai gevonden, want de bar verzorgen en mee een zaak runnen zijn twee aparte stielen. “Het menselijk contact was heel aangenaam, ik voelde al snel dat de horeca en het nachtleven helemaal mijn ding was.”

De twee vrouwen werkten hard en hielden de touwtjes stevig in handen. In al die jaren stond er altijd wel minstens één van hen in de zaak, naar eigen zeggen ook de sleutel van hun succes. Work hard, play hard, dus na de werkuren staken de twee regelmatig de straat over om in danscafé De Loods wat stoom af te blazen. Toen ook die zaak over te nemen was, kriebelde het alweer. Geen sinecure, want het intussen getrouwde koppel kreeg op drie jaar tijd twee kinderen. Maar opnieuw waagden ze de sprong.

“Na de shift ging één van ons de zaak al opendoen, en eenmaal Bistro Bello helemaal opgekuist was, kwam de ander achter. Dat was een heftige periode, ja. Eentje van drukke weekends en veel te korte nachten. Ik moet toegeven dat we het onderschat hebben. We voelden ook dat we in het begin wat ‘getest’ werden. Er waren die uitprobeerden hoe ver ze konden gaan met twee vrouwen achter de bar.”

Maar ook hier hielden ze de teugels stevig in handen. “De combinatie was heftig, maar het enige wat je kon, was doordoen. En natuurlijk woog dat op onze slaap en ons sociaal leven, maar dat probeerden we tijdens de week wat in te halen. Maar we voelden ook dat we die combinatie geen eeuwigheid zou kunnen volhouden.”

Dat laatste gold ook voor hun huwelijk. De passie die ze vonden in de horeca, vonden ze niet langer bij elkaar. Een echtscheiding is op zijn minst heftig te noemen en zeker als er twee kinderen én twee horecazaken in betrokken zijn. Charlotte en Julie mochten dan niet langer een koppel vormen, toch bleven ze een hecht team, zowel voor als achter de toog. Niet veel later vonden de twee elk apart opnieuw hun geluk in de liefde. Voor een buitenstander lijkt dat een complexe situatie, maar de twee vrouwen zijn nogal no-nonsense ingesteld. Meer nog: de twee besloten om samen nog werk te maken van hun eerste grote droom.

“Bistro Bello was een mooie kans en een zaak als De Loods stond op onze bucket list. Toch hadden we van dag één al gezegd dat we ooit zelf een eigen zaak, helemaal van nul, wilden opstarten. Een eigen concept, een nieuw interieur… Dat plan is altijd in ons achterhoofd blijven hangen.” Geruggensteund door het thuisfront, gingen de twee dus voluit voor die droom.

“We voelden allebei dat we een ander ritme wilden, dus wilden we een horecazaak waarbij we overdag open waren, om ’s avonds tijd te hebben voor de kinderen. We wilden een zaak waarbij je kon ontbijten, lunchen en een koffie drinken. Maar iets helemaal anders dan dat ze in Roeselare gewend zijn. Geen klassieke pannenkoeken en wafels, maar wel een zoete bagel of taco, bijvoorbeeld.”

Dat vereist wel een zekere mindswitch in Roeselare, dat de laatste jaren op trendy vlak veel stappen vooruit heeft gezet, maar waar nog vaak eerder conservatief naar bepaalde zaken gekeken wordt. “Velen vroegen in het begin of we nog veel werk hadden, toen ze onze robuust afgewerkte muur zagen of het ontblote plafond”, lacht Julie. “Anderzijds waren we ook verrast dat er velen waren die open stonden voor dit concept. Want eigenlijk mikken we niet op de massa. Pop moest zich onderscheiden op alle vlakken. Ook in het interieur.”

Mensen kijken nog steeds vreemd op als ze in de roze toiletten van Pop opeens Barbiepoppen in gouden kooitjes zien. Niet meteen iets dat je linkt met de twee dames. “Dat was ook een onderdeel van ons plan. We wilden bij een nieuw concept het interieur volledig uitwerken, van de voor- tot de achterdeur. Want we bleven letterlijk en figuurlijk wat op onze honger zitten in Roeselare. We blijven vandaag nog steeds vernieuwen, de kaart is ook al enkele keren helemaal veranderd. Zo houden we het boeiend, voor de klanten, maar ook voor onszelf. We krijgen een heel breed publiek over de vloer, van alle leeftijden. Jonge gasten die na school een chocomelk komen drinken, dertigers die hier lunchen of ouderen die hier ’s middags rustig een koffie drinken… Iedereen voelt zich hier op zijn gemak en dat is ook altijd onze betrachting geweest.”

Ook Charlotte en Julie voelen zich hier duidelijk goed in hun vel en vormen nog steeds een sterk team. Julie maakt er niet meer woorden aan vuil dan nodig is: praktisch en emotioneel zitten de twee op dezelfde lijn. Vanzelfsprekend is het evenwel niet, om met al hun horeca-ervaring, dit op poten te zetten. Want een restaurant en een danscafé is nog een compleet ander concept dan dit. Tijdens de opstart van Pop, combineerden ze het nog een tijdje met De Loods, maar hun focus ligt nu volledig op hun eigen zaak.

“Het blijft elke dag vechten voor de klant en om de voeling met het stadscentrum levendig te houden. We willen ook mensen blijven warm maken voor Pop, want nog niet iedereen kent ons. Dat is de doelstelling: dat we hier zo goed mogelijk ingeburgerd raken. We willen dat iedereen in Roeselare ons leert kennen of op zijn minst ons eens ontdekt. Een tweede zaak? Dat is niet aan de orde, nee. We hebben onze handen al vol met Pop en vinden hier heel wat leuke uitdagingen in. Pop moet een blijvertje worden. Als we dat kunnen realiseren, is dat al een hele mooie stap”, glimlacht Julie.

Alle praktische info vind je op de Facebookpagina van Pop.

Tekst: BertnBreakfast / Foto’s: FotoFever

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

%d bloggers liken dit: